van der Laar H. (1731) - van Bennekom G. (1872)
11-03-2003
In de externe competitie mocht Stokhorst-I het opnemen tegen WSG-II, de thuiswedstrijd was in mijn afwezigheid met 5-3 verloren gegaan. Aangezien Stokhorst daar hetzelfde Winsterswijk uit de SBO-beker was gespeeld was het tijd voor de Enschedese schaakclub om zich te revancheren.
Persoonlijk had ik mij erg verheugd op deze ontmoeting om het zodoende weer op te mogen nemen tegen dhr. Vulic. Ik kwam echter van een (ijs)koude kermis thuis omdat ik van de teamleider om duistere redenen niet mocht plaatsnemen aan het eerste bord waar dhr. Vulic wachtte. Zodoende nam ik geïrriteerd achter het derde bord plaats tegenover de sympathieke dhr. van der Laar.
Het resultaat geldt
01. Nf3-f5 02. d4-Nf6 03. c4-e6 04. Nc3-Be7 05. Bg5-c6 06. e3-d5 07. Be2-O-O 08. O-O-Qe8 |
| De opening behandelde van Bennekom als ware het Hollands. De zwartspeler kon niet de motivatie opbrengen om te kijken wat er allemaal mogelijk was na wits eerste zet 1. Pf3. De door van Bennekom gekozen voortzetting 1. ..-f5 nergens te vinden in dr. M. Euwe's Handleiding voor het volledige schaakspel. Desondanks ontstaat er mede door wits tweede en derde zet een speltype dat Hollands genoemd mag worden, Euwe schrijf daarover het volgde "Deze verdediging leidt tot een moeilijk en ingewikkeld spel met iets betere kansen voor wit, omdat hij gemakkelijker kan manoeuvreren; maar gezien de stevige opstelling van zwart kan dit moeilijk worden uitgebuit".
Bij de 9de zet dacht de zwartspeler een kwartier na over de keuze 9. ..-exd5 of 9. ..-cxd5, de e-variant leek van Bennekom sterker ondanks het feit dat wit een mooi aanvalspunt krijgt in f5. |
09. cxd5-exd5 10. Qc2-Bd6 11. Bf4-Be7*1 12. Ne5-Nfd7 13. h3-Bf6 14. Nf3-Rf7 15. Bd3-g6 16. g4-fxg4 |
|
*1 Zie diagram links boven, zwart kan een dubbelpion creeren op wits koningsvleugel, zwart wil echter de sterke zwarte loper op het bord houden en speelt daartoe 11. ..-Le7 Van der Laar is degene die op de 16de zet de strijd openbreekt door g4 te spelen. Begrijpelijk wits stukken staan op de zwarte koning gericht, het is tijd om zwarts passiviteit af te straffen. Het opspelen van de g-pion is echter niet zonder gevaar, het geeft zwart aanknopingspunten tot een snelle tegenaanval. ChessGenius geeft wit na 16. g4-fxg4 17. hxg4-De6 18. Ph2-Pb6 [0.09] het voordeel van de tweifel. *2 Zie diagram, op de 18de zet had wit zondermeer g5 [0.06] moeten spelen, in plaats daarvan verscheen 18. Ph2 wat zwart een pion verschaft. Op de 19dezet begaat de zwartspeler op zijn beurt een gelijke fout, waar 19. ..-Lg7 [-1.51] de correcte zet was werd 19. ..-Le5 gespeelt waarna van der Laar met het paard had kunnen nemen op d5. |
17. hxg4-Nf8 18. Nh2?-Bxd4*2 19. Rae1-Be5? 20. Bxe5-Qxe5 21. f4-Qd6 22. Rf2-Na6!?*3 23. Bxa6-bxa6 24. g5-Bf5 |
|
*3Zie diagram, zwart speelt 22. ..-Pa6 [-0.84], een fout volgens ChessGenius die de voorkeur geeft aan 22. ..-Pbd7 [-1.30]. De zwartspeler vond het echter een waard om een dubbelpion te incasseren om de witte loper van het bord te kunnen nemen. In de zetten die volgen positioneren beide spelers de stukken naar mooie velden.
Zwart staat rond de 30ste zet riant, de loper en het paard staan sterk in het centrum waardoor de c- en d-pion extra druk kunnen uitoefenen. Wit daarentegen tracht controle over het veld e5 te bemachtigen en heeft een aanval over de open h-lijn in het verschiet. Volgens het programma kan wit zich nog redelijk staande houden getuige het feit dat de evaluatie vanaf zet 25 structureel onder de één blijft. Met de tijdnoodfase in het verschiet werken beide spelers toe naar het eindspel. |
25. Qd2-Rd8 26. Rd1-Rfd7 27. Ne2-Ne6 28. Nf3-Nc5 29. Rh2-Ne4 30. Qd4-c5 31. Qe5-Bg4??*4 32. Qxd6-Rxd6 |
|
Met nog tien minuten op de klok wil de zwartspeler het spel voor zichzelf symplificeren speelt daartoe 31. ..-Lg4??, een zet puur gericht op het afruilen van materiaal. *4 Zie diagram, zwart ziet volledig over het hoofd dat wits dame zo goed als ingesloten is! De winnende zet volgens ChessGenius is 31. ..-Df8!! 32. Pd2-Te8 33. Pxe4-Txe5 34. Pf6+-Dxf6 35. gxf6 [-2.23].
Na de dameruil heeft zwart nog een zware taak aan het uitspelen van de partij, het witte paard op e5 staat als een huis en zorgt voor veel complicaties. Tot mijn genoegen gaf van der Laar de partij op de 38ste zet cadeau, toen de paarden in de dood verdwenen. Een toreneindspel resteerde waarin de zwartspeler over een tweetal extra pionnen beschikte. |
33. Ne5-Bxe2 34. Rxe2-Kg7 35. Kg2-a5 36. Rh1-Re6 37. Kf3?-Nxg5+ 38. fxg5?-Rxe5 39. Kf4-Re4+ 40. Kg3-Rf8 |
|
Vanaf de 40ste zet in de strijd gestreden, van Bennekom speelde het toreneindspel naar behoren uit. Zie diagram, rond de 50ste zet houden de zetten in het notitieboekje op, in de diagramstelling werd nog doorgespeeld totdat zwart promoveerde.
Deze (zeer matige) overwinning kon WSG-II er niet van weerhouden een 6,5-1,5 overwinning te boeken op ons team 41. Reh2-Rxe3+ 42. Kg4-Rh8 43. Rc1-Rhe8 44. Rf2-R8e4+ 45. Rf4-Rxf4+ 46. Kxf4-Re4+ 47. Kf3-c4 48. Rd1-Re5 49. Kf4-Rf5+ 50. Kg4-h5+ 51. gxh6+-Kxh6 52. Rh1+-Kg7 0-1 |
Auteur: G. van Bennekom